Vitaliteit en de boekenkast van opa


De boekenkast van mijn opa staat in mijn keuken. De kast is bijna honderd jaar oud. Het is zo’n kast met twee deuren ervoor met ruitjes erin, zodat de boeken zichtbaar zijn en tegelijkertijd stofvrij opgeborgen staan. Ik gebruik hem al een eeuwigheid voor mijn servies. Eerlijk gezegd ook voor allerlei andere dingen. Hij is best volgestouwd eigenlijk. Aan die kast ben ik gewend en gehecht. Die kast kiert. De deur sluit niet goed. De planken leunen op ijzeren steuntjes. Heel langzaamaan buigen de planken steeds dieper door. Ze dreigen van de steuntjes te glijden. Voor boeken zou dat geen drama zijn, maar nu zit er dus servies in. En glaswerk. Die kast kan op een dag zomaar instorten.

Mijn partner vindt dat er een nieuwe kast moet komen. Waarschijnlijk heeft ze gelijk. Het proces van doorzakken gaat zó geleidelijk dat ik het gevaar niet zie aankomen. In mijn herinnering waren de planken al krom toen ik de kast kreeg. Die kast staat al honderd jaar overeind. Waarom zou het morgen fout gaan? Als er niets onverwachts gebeurt, valt hij toch niet om?

Wanneer is het tijd om in actie te komen? De kraan van onze wasmachine lekt. Al twintig jaar. Het probleem valt reuze mee. Hij lekt alleen als hij open staat omdat de was draait. Er staat structureel een emmer onder de kraan. Zodra we de was uit de machine halen, draaien we meteen de kraan dicht. Het is één handeling geworden. Ik ben er al lang aan gewend. De kraan druppelt zo weinig dat het genoeg is om eens in de paar maanden de emmer te legen. Het heeft dus geen prioriteit. Ik kan er prima mee leven.

Gewenning, gewoon, gewoonte. Alles waar we aan gewend zijn, is voor ons gewoon. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor spullen, maar voor alles wat dagelijks om ons heen is. De sfeer waarin we opgroeien, is gewoon. Ruzie kan gewoon zijn. Afstandelijkheid ook. Langs elkaar heen leven. Kritiek leveren, niet aardig zijn. Of moe zijn en altijd spanning voelen. We leren ermee te leven. We verzinnen er iets slims op. Het wordt zelfs vertrouwd. Misschien voelen we er ons comfortabel bij omdat het zo vertrouwd is. Het valt ons niet meer op. Dat 'is' nu eenmaal zo. Zo doen wij dat.

Ingrijpen kan heel verstandig zijn. Bij de kast van mijn opa dient zich de vraag aan wanneer het te laat is. En de vervolgvraag is natuurlijk waarom ik het risico zou nemen dat het op een dag te laat is. Gewenning is geen reden om iets te koesteren. Verandering kan een verademing zijn.

Ik was iemand van volhouden. Volhouden is geen kwaliteit op zich. Waarom zou ik iets volhouden waar ik niet meer achter sta? Het is veel handiger om eerst te bepalen wat voor mij kwaliteit van leven is. Die kwaliteit kan dan mijn norm zijn voor normaal. Ik hoef niets vol te houden waar ik niet achter sta.

Zo kan het wel gewoon zijn om het altijd druk te hebben, maar zie ik dat als kwaliteit? Wil ik dat het gewoon voor mij is om altijd achter mezelf aan te hollen? Wil ik altijd een volle agenda hebben en to-do lijstjes afwerken? Of wil ik ruimte hebben om in het moment te bepalen wat ik wil doen?

Ik vind het gewoon om naar mijn lichaam te luisteren. Ik vind het normaal om voldoende rust en energie te hebben. Mijn intentie is om goed te slapen, gezond te eten, plezier te hebben en vitaal te zijn. Voortdurend online zijn is gewoon geworden, maar ik kies er regelmatig voor om onbereikbaar te zijn. Ik vind het niet gezond om de hele dag druk in mijn hoofd te zijn. Voor mij is het vertrouwd om mijn gevoelens serieus te nemen. Ik houd van aandacht geven aan mensen, mezelf en anderen te stimuleren om voluit te leven. Ik vind oogcontact veel leuker dan digitaal contact. Ik kies voor beweging. Ik kies voor genieten en doen wat me inspireert.

Ik heb er onlangs mee ingestemd om die kast te vervangen om het servies te behoeden voor een breakdown. Wat me bij die beslissing hielp, is dat ik me te realiseerde hoe die planken zijn doorgebogen. Dat begon al onder het gewicht van mijn opa’s boeken. Mijn opa was dominee. De boeken waren ook figuurlijk zwaar. Het waren zijn studieboeken en ze stonden vol calvinistische leerstellingen. Dat calvinisme is mijn achtergrond. Overtuigingen over de zondigheid van de mens zijn mij met de paplepel ingegeven. Eigenlijk zou de mens de liefde van God niet waard zijn, maar door hard te werken valt de schade misschien mee.

Zo leefde mijn opa. Mijn vader ook. Dat is nogal een last om te torsen. Het heeft effect op onze levenshouding. Mijn hart heeft eronder te lijden . Hard werken op zich is niet zwaar. Het onderliggende gevoel niet okay te zijn, is zwaar. Dan is je inzet nooit genoeg. Dan is er nooit rust. Dat gevoel leek ooit gewoon. Het kostte heel wat energie om me ervan los te maken. Ik heb besloten andere uitgangspunten normaal te vinden. Het leven mag geleefd en gevierd worden.

Wie weet, misschien verdwijnt met de oude boekenkast ook het laatste restje calvinistische bagage uit mijn systeem. Op naar een frisse herstart!

Uitgelichte berichten
Recente berichten
Archief
Zoeken op tags
Volg ons
  • LinkedIn Social Icon
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square